Ziek zijn bleek afgelopen week een ultieme mogelijkheid te zijn tot observatie van mijn gedachten, vandaar de titel van dit blog ‘Geloof je ze of geloof je ze niet?’.

Soms geloofde ik ze,mijn gedachten, en dat was hel. Soms geloofde ik ze niet en dat was leven.

Zo simpel is het eigenlijk.

Het lijkt of een ziek lichaam ook ‘zieke’ gedachten oproept, want oh wat was ie zwart, mijn mind. Ik deugde nergens voor. Was niks waard, alles wat ik deed was niet goed, mijn hele leven een fiasco, niet in staat vrienden te maken, laat staan ze te houden, over een partner nog maar helemaal niet te spreken. En wat dacht ik nou eigenlijk wel wat ik met mijn werk deed. Zo belangrijk was dat toch ook niet? Studenten doen vast liever een supervisie zonder mij dan met mij en hebben de mensen die bij me komen voor een Human Designconsult nu echt iets aan mijn uitleg, weet ik ze echt wel te inspireren?

En zo pruttelde hij maar door.

Als ik, omdat ik ziek ben, niet meegenomen wordt in de energieflow van de dag, als mijn lichaam ligt, zit of hangt, omdat er pijn is of ongemak dan lijkt het of de weinige energie die er is allemaal naar het hoofd gaat. Dat lijkt een veiliger plek dan het ongemak in het lichaam.

Ik keek er naar (op de momenten dat ik de gedachten niet geloofde) en zag dat de inhoud van die gedachten bijna allemaal terug te brengen zijn naar me waarde-loos voelen en laat dat nou net het niet-zelf thema zijn van het Open Hart of Egocentrum in het Human Designsysteem. Omdat dit centrum in mijn Human Design open is en ik dus geen vast gevoel van (zelf) waarde heb, doet mijn mind alles om mijn aandacht daarop te vestigen. En spoort ze me aan om die waarde te gaan maken, om iets te gaan DOEN om me waardevol te voelen. Ja, vooral iets te gaan DOEN. Want het is nooit goed genoeg. Ik ben nooit goed genoeg. Dit is meestal het hoofdthema van mijn mind.

Ik heb ook een open Emotioneel centrum en dat geeft het niet-zelf thema van confrontaties uit de weg gaan, bang zijn om mijn waarheid te spreken. Je kunt je er misschien al iets bij voorstellen hoe die thema’s samen klinken: je moet nu echt dit en dit gaan doen anders worden ze vast boos en zien ze je echt niet meer zitten en dan raak je helemaal iedereen kwijt. Zwarter dan zwart.

In je Human Designkaart heb je niet alleen open centra maar ook nog es een heleboel open Kanalen en Poorten. In hun natuurlijk staat zijn dat de receptors, daar waar je de ander inneemt. In de niet-zelf zijn dat de plekken die de mind probeert te verwerven, de plekken waar de mind druk op zet.

Ik geef een voorbeeld in mijn kaart.

Je ziet dat er geen verbinding is tussen mijn Wortelcentrum en het Miltcentrum. Maar in het Miltcentrum zijn wel 3 gedefinieerde Poorten (Poort 18, 28 en 32) die hard staan te lonken naar de overkant, naar Poort 58, 38 en 54 en daar stort mijn mind zich op door mij aan te moedigen om nu eindelijk es iets te gaan doen aan al die dingen die fout zijn in mezelf (Poort 58), om te gaan vechten voor wat ik zinvol vind (Poort 38) en om nu eindelijk es ambitieus te worden(Poort 54)!

En dit zijn nog maar 3 open Poorten…

Ik vroeg me af waarom het in mijn ontwikkeling zo essentieel is dat ik weet waar mijn conditionering zit, dat ik begrijp waarom mijn mind zo praat, dat ik kijk heb op mijn mechanisme. Het gaat om het laatste. Door je Human Design te kennen heb je kijk op je mechanisme, kun je zien hoe het werkt en daardoor creëer je afstand en word je de ‘watcher’, degene die observeert, die ziet. En als je ziet, geloof je er niet meer in (oké, af en toe nog), zie je simpelweg een mechanisme aan het werk.

Om je te helpen je mind niet meer te geloven of erger nog, de bevelen van je mind op te volgen, heb je gelukkig je Strategie en (Innerlijke)  Autoriteit die je van moment tot moment gidst in het leven.

 

Wil je meer weten over wat Human Design voor jou kan betekenen?

Pin It on Pinterest

Share This